|
Het Woud van Tronçais, dat aan
de Berry en de Bourbonstreek grenst, vormt een ware toverwereld.
In de Vallei van de Cher en de Combrailles hoort men,
vreemd genoeg, zowel gelach als melancholie die uit het
heuvelachtige landschap ontsnappen.
Het
staatsbos van Tronçais, dat zich over bijna 11.000
hectare uitstrekt, heeft een zeldzame, uitzonderlijk
statige sfeer weten te behouden.
Dit bos, waar vervolgden een schuilplaats, en eenzame
harten troost vonden, was tevens een inspiratiebron voor
dichters, die het bevolkten met nimfen en feeën.
Maar in dit woud, waar men bomen van enkele honderden
jaren oud kan vinden, heerste niet altijd rust! Dit voormalige
eigendom van de Hertogen van Bourbon (wat hun in 1527
werd afgenomen), was de prooi van een stel geldwolven
en wel zodanig, dat in 1670 driekwart van de bomen vernietigd
werd. In dezelfde periode probeerde Colbert het woud
te beschermen, met als doel hout van een uitstekende
kwaliteit te leveren aan de koninklijke scheepswerven.
Vandaag de dag wordt het hout uit het bos, dat voor 7/10e
uit eiken, beuken en grove dennen bestaat, gebruikt voor
de vervaardiging van fusten, met name voor de beroemde
Bordeauxwijnen.
Het woud is niet alleen een harde werkster, maar weet
ook prachtige verhalen te vertellen.
Men vindt hier namelijk her en der verspreid de sporen
van oude Keltische, Gallo-romaanse en Gotische volkeren.
Even zo onverwacht is de ontdekking van zwemvijvers.
Wanneer
men meer naar het zuiden van de streek trekt, begeleid
door het gefluister van de Cher, ontdekt men de stad
Montluçon, de economische hoofdstad van de Bourbonstreek,
die gebouwd is rond het Kasteel van de Hertogen van Bourbon.
Het werd tijdens de Honderdjarige Oorlog door Lodewijk
II van Bourbon en zijn opvolgers gebouwd.
In het kasteel, waarboven de Tour de l’Horloge
hoog uitsteekt, vindt men het Museum voor Volksmuziek.
Wanneer men bij de Combrailles aankomt, wordt men getroffen
door de lage bergen, de beboste ravijnen, de oneindige
hoeveelheid dorpjes, de rivieren en vennen.
Hier stroomt de Sioule. Een sterke rivier. Hier moest
men natuurlijk gebruik van maken.
De mens heeft stuwdammen gebouwd (zie die van Besserve
en van Queuille). Een van de belangrijkste attracties
van dit landschap is het Viaduc des Fades dat op meer
dan 140 meter hoogte boven de Sioule gebouwd is. Dit
door één van de leerlingen van Gustave
Eiffel ontworpen bouwwerk is het hoogste van Europa.
Om deze wandeling af te sluiten, gaat men naar de Gorges
de Chouvigny, waar een uniek schouwspel te bewonderen
is: de Sioule graaft zijn bedding aan de hand van zijn
bestemming en doorgrondt de geheimen van de duistere Combrailles.


|